Wetgeving
Wat zegt de wetgeving?
Om een wettelijk kader te creëren voor de inrichting en organisatie van speelstraten werd op 9 oktober 1998 een Koninklijk Besluit genomen. Volgens dit besluit is een speelstraat een openbare weg waar tijdelijk en tijdens bepaalde uren aan de toegangen een hek geplaatst is met een verkeersbord C3 (= verboden te rijden) voorzien van een onderbord met de vermelding ‘speelstraat’. Niet alle straten kunnen zomaar een speelstraat worden. Om in aanmerking te komen moet in de straat een snelheidsbeperking van maximum 50 km per uur van kracht zijn. Daarnaast moet de straat een overheersende woonfunctie hebben. Er mag geen (belangrijk) doorgaand verkeer of doorgaand openbaar vervoer rijden.
Op de moment dat een straat een speelstraat is, mag er ook speelinfrastructuur (skateramp, voetbaldoel, kegels, springkasteel…) staan. Het is wel belangrijk dat de straat toegankelijk blijft voor voetgangers, fietsers, bewoners en prioritaire voertuigen.
Voor een occasionele speelstraat (éénmalig of experimenteel) dienst er een tijdelijk reglement te worden opgemaakt, dat door de gemeenteraad moet worden goedgekeurd. Voor permanente speelstraten (bv. Elke vakantie) moet er een aanvullend reglement op het politiereglement worden opgemaakt. Dit reglement moet zowel door de gemeenteraad als door het Ministerie van Verkeer worden goedgekeurd. Deze procedure neemt een aantal maanden in beslag.
Uit Brochure: ‘ik speel op straat!’, Jeugddienst Provincie Antwerpen.

